Maken van video-opnames
Scenario
Voor het maken van een film wordt vaak een scenario geschreven. Zo'n scenario, het
verhaal van de film, wordt gebruikt als leidraad bij het filmen. Vooral bij complexere films
zoals speelfilms, waarbij meerdere mensen meespelen, allerlei rekwisieten nodig zijn en
gefilmd wordt op verschillende locaties, is het belangrijk dat er van tevoren goed wordt
gepland. Zo wordt voorkomen dat de filmmaker voor onaangename verrassingen komt te
staan.
Ook bij het maken van documentaires en reportages wordt van tevoren beschreven waar de
film over moet gaan, zelfs al weet de filmmaker misschien niet altijd wat hem precies te
wachten staat. Op die manier is het veel gemakkelijker om een goed en duidelijk verhaal te
vertellen en de juiste beelden te filmen.
Voor mensen die zich bezighouden met amateurfilmen geldt eigenlijk hetzelfde. Ook bij heel
gewone onderwerpen zoals een verjaardagsfeestje of een dagje uit is het handig om vooraf
te plannen welke beelden u wilt gaan filmen. Zo voorkomt u dat uw film een brij van
willekeurige beelden wordt.
Een scenario hoeft u niet altijd op papier te zetten. Als het om iets eenvoudigs gaat, kunt u
ook van tevoren even nadenken over welke beelden leuk zouden zijn in het filmpje. U kunt
bijvoorbeeld beginnen met beelden van de voorbereidingen voor het dagje uit, vervolgens
beelden van de rit naar het pretpark, dan beelden van het pretpark zelf, en vervolgens de
thuiskomst na een leuke dag. U heeft dan vanzelf al een verhaal.
Als het om een belangrijke eenmalige gebeurtenis gaat, zoals een volledige reportage van
een bruiloft, is het wel verstandig om een scenario op papier te zetten en het geheel goed
voor te bereiden. U kunt bijvoorbeeld het dagprogramma als leidraad nemen, en als
voorbereiding het bruidspaar vragen naar hun wensen. Verken zeker ook de locatie waar de
verschillende feestelijkheden plaatsvinden om in te schatten of u extra licht nodig heeft of
andere hulpmiddelen. De meeste gebeurtenissen vinden op zo'n belangrijke dag maar
eenmalig plaats, dus moet u op de juiste tijd met de juiste spullen op de juiste plaats zijn.
Een goed scenario kan daarbij veel helpen. In een scenario voor een huwelijksdag kunt u
bijvoorbeeld opschrijven hoe laat en waar welke gebeurtenis plaatsvindt, welke opnamen u
daar wilt maken, vanaf welke plaats en welke extra zaken u daarbij nodig heeft. Dat zou er
zo uit kunnen zien:
- 11.00 uur Aankomst bruidspaar stadhuis:
- - Groot-totaal stadhuis
- Pan Totaal wachtende mensen bij stadhuis
- Groot-totaal naderende auto met bruidspaar op weg naar stadhuis
- Pan tot auto stilstaat voor stadhuis
- Zoom op gezichten uitstappende bruidspaar
Op dezelfde manier kunt u de rest van de dag in het scenario beschrijven.
Geluid
Veel mensen denken bij videofilmen alleen aan beeld. Geluid wordt vaak als onbelangrijk
gezien. Hoewel het soms leuk kan zijn om een ‘stomme’ film te maken, bijvoorbeeld als het
gaat om slapstick, is geluid toch erg belangrijk voor een goede film. Geluid zorgt voor extra
sfeer en informatie bij het beeld en het kan verschillende scènes en shots in de film tot een
geheel smeden.
Alle digitale videocamera’s kunnen geluid opnemen met behulp van een ingebouwd
microfoontje. Meestal is de kwaliteit van dit microfoontje redelijk tot matig, net voldoende
voor bijvoorbeeld eenvoudige vakantiefilmpjes. Toch moet u rekening houden met storende
bijgeluiden van de camera zelf en van de wind. Wilt u een betere kwaliteit geluid hebben,
dan is een aparte microfoon aan te raden. Die microfoon kunt u in de videocamera pluggen.
Er zijn verschillende soorten microfoons:
- De opsteekmicrofoon is een kleine microfoon die onopvallend aan kleding bevestigd kan worden. Hij wordt vooral gebruikt bij interviews.
- De rondom-gevoelige microfoon legt al het geluid van de omgeving vast. Dat kan in sommige gevallen de juiste sfeer geven. Wel moet u er bij dit type microfoons rekening mee houden dat sommige geluiden overheersen. Verkeersgeluiden klinken bijvoorbeeld harder dan natuurgeluiden.
- De richtmicrofoon neemt alleen geluid op in de richting waarin hij wijst. In veel gevallen geeft de richtmicrofoon het beste resultaat. Een microfoon kan apart in de hand worden gehouden of in een voetje op de camera worden gestoken. Over alle microfoons kunt u een windkap doen, zodat het geluid van de wind wordt gedempt.
Luister bij het opnemen van geluid altijd mee met behulp van een oortje of een koptelefoon. Zo hoort u wat er wel of niet opgenomen wordt. Let er op dat u geluid continue opneemt. Maakt u bijvoorbeeld opnamen van een spelende muziekgroep, neem dan het hele liedje op, zelfs als u van plan bent andere beelden tussen te voegen. Stopt u met filmen om andere beelden op te nemen, dan heeft u later misschien geluidsgaten in uw film.
Camerabewegingen
Met een serie beelden die opgenomen zijn met een stilstaande camera, kan een interessante film gemaakt worden. Toch kan een film voor de kijkers nog een stuk leuker worden als u gebruikmaakt van camerabewegingen. Er zijn verschillende soorten camerabewegingen.
De meest gebruikte is de pan. Pannen houdt in dat u de camera van links naar rechts of van rechts naar links beweegt. U maakt als het ware een panoramisch overzicht. Door te pannen kunt u een relatief groot onderwerp toch aan de kijkers laten zien. Denk bijvoorbeeld aan een landschap of een muur waaraan allemaal schilderijen op een rijtje hangen. U kunt pannen ook gebruiken om een bewegend onderwerp te volgen, zoals een auto.

Een andere camerabeweging is de tilt. Bij de tilt beweegt u de camera van onder naar boven of omgekeerd. U kunt de tilt gebruiken om een hoog onderwerp, zoals een flatgebouw, in beeld te nemen. Ook kunt u met deze camerabeweging bijvoorbeeld een opstijgend vliegtuig volgen.

Een bijzondere camerabeweging is de rijder. Bij een rijder wordt de camera voortbewogen, zoals bij het filmen vanuit een auto. U kunt ook met een camera in de hand langs het onderwerp lopen. Een rijder geeft een filmscène extra vaart.

Welke camerabeweging u ook gebruikt, het is belangrijk om niet te snel te bewegen met de camera, omdat anders het beeld onscherp wordt. Bovendien moet u de camera gelijkmatig bewegen en schokken vermijden. Om dat te bereiken, kunt u gebruikmaken van een statief.
Beelduitsneden
Om met uw film een goed en interessant verhaal te vertellen, is het belangrijk om gebruik te maken van verschillende beelduitsneden. Een beelduitsnede is dat deel van het onderwerp dat u in beeld neemt. Bij filmen worden voor beelduitsneden standaardtermen gebruikt: groot-totaal, totaal, half-totaal, close-up.
Groot-totaal:
hiermee kunt u een overzichtsbeeld
geven, bijvoorbeeld de omgeving waarin de
hoofdpersoon staat.
Totaal:
het onderwerp van de film komt in zijn totaal
in beeld. Zo kunt u bijvoorbeeld de hoofdpersoon introduceren.
Half-totaal:
het onderwerp wordt voor een deel in beeld genomen, zodat de aandacht op dat deel wordt gericht. Voorbeeld: het bovenlichaam van de hoofdpersoon.
Close-up:
een detail van het onderwerp wordt in
beeld genomen. Zo kan veel informatie over het
onderwerp gegeven worden. Voorbeeld: het gezicht
van de hoofdpersoon.
Door de verschillende beelduitsneden op een goede manier achter elkaar te gebruiken, kunt u duidelijke informatie aan de kijker overbrengen en een goed verhaal vertellen. Zo kunt u bijvoorbeeld beginnen met een close-up van een plaatsnaambord, om vervolgens met een groot-totaal de bijbehorende plaats van een afstand in beeld te nemen. Om bij het monteren van de filmbeelden een goede film te kunnen maken, is het belangrijk om de onderwerpen met verschillende beelduitsneden te filmen.
Zoomen
Op iedere camera zit wel een zoomknop. Met die knop kunt u op een onderwerp inzoomen:
dichterbij halen in beeld, bijvoorbeeld van een totaal naar een close-up. Of u kunt
uitzoomen: afstand nemen in beeld, bijvoorbeeld van een close-up naar een totaal.
Omdat er een speciale zoomknop op de camera zit, denken veel mensen dat je daarom ook
veelvuldig moet zoomen om een leuke film te maken. Het tegendeel is waar. Een film waarin
veel gezoomd wordt, begint al snel op de zenuwen te werken. Dat komt doordat veel
mensen de zoom te pas en te onpas gebruiken, zonder dat het echt iets aan de film
toevoegt. Het ziet er meestal nogal amateuristisch uit.
Vaak is het beter om zonder zoombeweging bijvoorbeeld van een totaalshot naar een close-up
te gaan. Een totaalshot van een onderwerp, met direct daarna gemonteerd een close-up
van hetzelfde onderwerp, werkt veel beter. U kunt daarvoor na het filmen van het totaal,
even stoppen. Vervolgens de zoomknop gebruiken om snel naar een close-up van het
onderwerp te gaan. En daarna het filmen weer te starten. U kunt ook blijven filmen tijdens
het zoomen om de zoombeweging later, tijdens het monteren, eruit te halen.
Gebruik het zoomen zeer spaarzaam en alleen als u er iets mee wilt vertellen in de film. Het
kan bijvoorbeeld wel een interessant effect zijn als u eerst de close-up van een gezicht
heeft, om vervolgens snel uit te zoomen, zodat de kijker opeens te zien krijgt in welke
omgeving de eigenaar van het gezicht staat. Dat kan een leuk verrassingseffect geven.
![]() |
![]() |
![]() |
| Close-up | Uitzoomen half-totaal | Uitzoomen totaal |




